css3menu.com

 



GEZONDHEID



Beste lezer,

Onderstaand kunt u kennis nemen van een lijst van gezondheidsproblemen binnen de kynologie. Hoewel onze fokkers hun uiterste best doen om deze problemen uit hun foklijnen te houden, is een en ander natuurlijk niet helemaal uit te sluiten. Ook niet voor onze prachtige Sint Bernard.
Een Sint Bernard is geen nieuwe auto waar 7 jaar garantie op wordt gegeven. Het is een levend wezen dat zich op verschillende manieren kan ontwikkelen.
De Sint Bernard is een grote, snel groeiende hond en kan tegen eventuele gezondheidsproblemen aanlopen. Bij aanschaf van een Sint Bernard raden wij dan ook alle kopers aan uitvoerig te informeren bij de fokker naar de genoemde aandoeningen, uiteraard raden wij ook onze fokkers aan hun kopers eveneens uitvoerig te informeren. Het is een haal- en brengplicht van informatie, alles er op gericht om niet voor onaangename verrassingen te komen staan. Maak ook afspraken over hoe over en weer te handelen indien zich toch onverhoopt gezondheidsproblemen, bij de door u gekochte hond, mochten voordoen.
Voor alle duidelijkheid: het is niet zo dat de opgesomde gezondheidsproblemen allemaal aan de Sint Bernard kleven, maar het zijn wel problemen die kunnen voorkomen.

Het bestuur van de Hollandsche Sint Bernard Club


GEZONDHEIDSPROBLEMEN:

Epilepsie:

Feiten over de genetische test bij de Sint Bernard om het drager- of lijderschap van epilepsie aan te kunnen tonen.

Oproep voor leden en niet-leden van de Hollandsche Sint Bernard Club: zie beneden!

Feiten:

Epilepsie is een groot probleem bij veel hondenrassen. Deze ziekte kent alleen maar verliezers. Niet alleen voor de hond, de eigenaar en zijn omgeving, maar ook voor de fokker van de hond is het een groot probleem. De hond is vaak ernstig belemmerd in zijn normale leven. Voor de eigenaar en zijn omgeving is het een heel onprettig gezicht wanneer de hond een epileptische aanval heeft. Voor de fokker kan het ook grote gevolgen hebben wanneer de erfelijke vorm van epilepsie een probleem vormt binnen de fokpopulatie. Geen enkele fokker fokt met honden die ziek zijn m.a.w. met een hond die lijdt aan epilepsie!

Helaas is ons mooie ras de Sint Bernard ook aangedaan door de erfelijke vorm van epilepsie. En zolang er geen DNA-test bestaat voor de Sint Bernard om het drager- of lijderschap van epilepsie aan te tonen, zullen we ook van tijd tot tijd binnen het ras geconfronteerd worden met honden die epilepsie ontwikkelen.
De afgelopen jaren hebben de fokkers die aangesloten zijn bij de Hollandsche Sint Bernard Club hun uiterste best gedaan om epilepsie terug te dringen.
Sint Bernards die ernstig verdacht werden drager van het epilepsie gen te zijn, zijn door hen om die reden uit de fokkerij gehaald.
Omdat er wereldwijd geen enkele genetische test bestaat, die bij de Sint Bernard kan aantonen of een hond drager, lijder of vrij is van deze ziekte, wordt nu getracht een DNA-test te ontwikkelen.
Hiervoor is er een samenwerking tot stand gekomen met Prof. Dr. O. Distl (TiHo Hannover). De Duitse Sint Bernard Club (St. Bernhards-Klub e.V.) - die deze samenwerking is aangegaan - deed onze vereniging (Hollandsche Sint Bernard Club) een drietal jaar geleden het aanbod om hieraan mee te doen. Uiteraard heeft onze vereniging dit aanbod met beide handen aangegrepen.
Van een aantal Sint Bernards (lijdende aan epilepsie of ouder dan 8 jaar en nooit een aanval gehad hebbende) uit verschillende Europese landen, zijn er reeds bloedsamples en haren ingestuurd om een test te kunnen ontwikkelen.
Er is inmiddels ietwat vooruitgang in dit onderzoek maar er is nog een lange weg te gaan. Prof. Dr. O. Distl heeft een afwijking gevonden in een gen maar benodigd, om verder te kunnen, nog meer bloedsamples en haren zodat hij het onderzoek kan voortzetten.

Wanneer je als fokker/eigenaar een DNA epilepsietest laat verrichten bij je Sint Bernard, zegt dit dus niets over het al of niet genetische dragerschap van epilepsie van je Sint Bernard. De test is immers niet bedoeld voor de Sint Bernard, en zo wordt eigenlijk (on)bewust de uitkomst door de fokker/eigenaar verdraaid.

Er is een epilepsie DNA-test (BFJ-H486) ontwikkeld, maar deze test is ras afhankelijk en o.a. alleen van toepassing voor het ras Lagotto Romagnolo. Het gaat hierbij om een test voor goedaardige jeugdepilepsie (Benign Juvenile Epilepsy). Deze aandoening is echter geen epilepsie, het is een neurologische aandoening, na een drietal maanden zijn de pups er overheen gegroeid en ontwikkelen ze zich verder tot normale honden. Mogelijk zouden ze een verhoogde kans hebben op primaire epilepsie doch dit is nog niet wetenschappelijk vastgesteld.
Verder is er een test H335 Juveniele Myoclonische Epilepsie, dit is ook een ras afhankelijke test bedoeld voor de Rhodesian Ridgeback. Bij Juveniele Myoclonische Epilepsie gaat het in een vroeg stadium om epileptische aanvallen die met lichtgevoeligheid zijn beschreven. De eerste symptomen worden zichtbaar tussen de 6 weken en 18 maanden.
Een andere test H481 CombiBreed FCI Rasgroep 08, is bestemd voor honden binnen de FCI Rasgroep 8: Retrievers, Spaniels en Waterhonden. Dit is een pakkettest en bevat meerdere DNA-markers voor een aantal kenmerken en ziekten, waaronder ook de hierboven besproken DNA-test (BFJ-H486), (Benign Juvenile Epilepsy).
Bron voor de bovenstaande DNA-testen; Dr. van Haeringen Laboratorium B.V. www.vhlgenetics.com
Dit laboratorium geeft ook duidelijk aan dat de testen ras afhankelijk zijn!!!

Conclusie:
Helaas is er wereldwijd (nog) geen enkele DNA-test voor de Sint Bernard om het drager- of lijderschap van epilepsie aan te kunnen tonen.
De Hollandsche Sint Bernard Club heeft, samen met de Duitse Sint Bernard Club (St. Bernhards-Klub e.V.), contact met de TiHo in Hannover. Daar hoopt men een DNA test te ontwikkelen, die t.z.t. drager- en lijderschap van Sint Bernards m.b.t. epilepsie kan aantonen.
Echter dit vergt heel veel tijd, heel veel onderzoek en kan nog jaren duren.
Bij Sint Bernards die lijden aan epilepsie kan er (door de eigen dierenarts) een bloed- en haarmonster worden genomen om zodoende een bijdrage te leveren aan het ontwikkelen van een DNA-test.

Oproep voor leden en niet-leden van de Hollandsche Sint Bernard Club:
Heeft u een Sint Bernard met stamboom die epilepsie heeft of een Sint Bernard met stamboom, ouder dan 8 jaar en nooit een aanval gehad hebbende, en wilt u een bijdrage leveren aan het ontwikkelen van een DNA-test? Dan kunt u contact opnemen met het secretariaat van de Hollandsche Sint Bernard Club: Myriam Nelissen-Franssen, Gansbaan 64, 6231 LP Meerssen. Telefoon 043-3643867 Email: quadromacho@planet.nl
Uiteraard gebeurt dit alles onder strikte geheimhouding van alle gegevens en papieren van de betreffende hond en van de eigenaar/fokker.

© Hollandsche Sint Bernard Club juli 2018
Niets uit deze tekst mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze op welke manier dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de Hollandsche Sint Bernard Club.


Epilepsie of vallende ziekte is een aandoening waarbij er herhaaldelijk toevallen optreden. Bekend zijn de toevallen waarbij de hond omvalt, hevige spierkrampen krijgt, schuimbekt en urine of ontlasting laat lopen. Er zijn ook mildere vormen van epilepsie.
Globaal gezien zijn er twee vormen van epilepsie: primaire en secundaire epilepsie.
Secundaire epilepsie: de aanvallen worden veroorzaakt door aanwijsbare andere aandoeningen in het lichaam. Denk hierbij aan ernstige lever- en nieraandoeningen, te laag suikergehalte, infecties en tumoren maar ook vergiftigingen.
Primaire epilepsie: de aanvallen vinden plaats zonder aanwijsbare oorzaak elders in het lichaam. Er wordt ook van primaire epilepsie gesproken als er, door middel van onderzoeken, geen aanwijsbare oorzaken gevonden worden. Meestal openbaart de ziekte zich tussen het eerste en derde levensjaar.


(HD) Heupdysplasie:
Heupdysplasie (HD) is een door erfelijke factoren en uitwendige invloeden bepaalde ontwikkelingsstoornis van de heupgewrichten. Sommige honden ondervinden of kunnen hier ernstige hinder van ondervinden. Er zijn echter ook honden die met meer of mindere ernstige misvormingen van de heupgewrichten, die daarvan geen last lijken te hebben. De beoordeling van het gangwerk geeft onvoldoende informatie over de toestand van de heupgewrichten. Juiste informatie hierover kan uitsluitend via röntgenfoto's worden verkregen. Voor een goede beoordeling van de heupgewrichten is een röntgenfoto van de hond in rugligging nodig.
Onderstaand een overzicht van de verschillende definitieve "FCI-beoordelingen":
HD A (0, vrij, -) betekent dat de hond röntgenologisch vrij is van heupdysplasie, wat echter niet betekent dat de hond geen "drager" van de afwijking kan zijn.
HD B (1, overgangsvorm, Tc) betekent dat op de röntgenfoto's geringe veranderingen zijn gevonden, die weliswaar toegeschreven moeten worden aan heupdysplasie, maar waaraan in het kader van de fokkerij geen directe betekenis kan worden toegekend.
HD C (2, licht positief, +/-) of HD D (3, positief, +) betekent dat bij de hond duidelijke veranderingen, passend in het ziektebeeld van heupdysplasie zijn gevonden.
HD E (4, optima forma, ++) betekent dat de heupgewrichten ernstig misvormd zijn.
Note: binnen onze rasvereniging mogen honden met de uitslag HD C uitsluitend gebruikt worden in combinatie met honden met de uitslag HD A of HD B. Honden met HD D (3, positief, +) of HD E (4, optima forma, ++) zijn binnen onze rasvereniging uitgesloten voor de fokkerij.


(ED) Elleboogdysplasie:
Elleboogdysplasie (ED) is een verzamelnaam van vier verschillende aandoeningen van het ellebooggewricht, die allen op den duur tot deformatie en kreupelheid kunnen leiden. Het zijn ontwikkelingsstoornissen van met name het kraakbeen in de gewrichten die onder invloed van erfelijke en andere factoren ontstaan. Sommige honden kunnen al op jonge leeftijd ernstige problemen hiervan ondervinden. Net zoals bij HD kunnen uitsluitend röntgenfoto's een optimaal beeld verschaffen over de toestand van de ellebooggewrichten.
De term elleboogdysplasie wordt gebruikt wanneer één of meer van de volgende aandoeningen in een ellebooggewricht aanwezig is.
OCD (Osteochondritis Dissecans, loslaten van een stukje kraakbeen van de bovenarm)
LPC (Los Processus Coronoideus, loslaten van een stukje van de ellepijp)
LPA (Los Processus Anconeus, loslaten van een stuk bot op een andere plaats van de ellepijp)
Incongruentie (een niet goed "passend" gewricht door een te lange of te korte ellepijp ten opzichte van het spaakbeen)
Ieder van bovengenoemde afwijkingen zal na enkele maanden leiden tot artrose. Onder artrose wordt verstaan veranderingen van een gewricht (botreactie's) die in de loop van het ziekteproces kunnen ontstaan, die blijvend zijn en vooral gekenmerkt worden door startpijn (kreupele stappen net na het opstaan), "er door heen lopen" (dus beter lopen na enige tijd) en een terugval na veel inspanning.
Note: binnen onze rasvereniging mogen honden met de uitslag grensgeval of graad 1 uitsluitend gebruikt worden in combinatie met honden met de uitslag: vrij.
Honden met de uitslag ED graad 2 of ED graad 3 zijn binnen onze rasvereniging uitgesloten voor de fokkerij.


Dilated Cardiomyopathie:
Dilated Cardiomyopathie, DCM is een afwijking van de hartspier, waarbij de kracht van het spierweefsel is afgenomen waardoor een dilatatie (verwijding) van de linker- of van beide hartkamers is ontstaan. Dit leidt tot een verminderde pompfunctie van het hart, waardoor er uiteindelijk ook een dilatatie van de linker boezem, klepgebreken, boezemfibrillatie en hartritmestoornissen kunnen ontstaan. Meestal is de linker harthelft aangetast waardoor er longoedeem (vocht in de longen) kan ontstaan. Is ook de rechterhelft aangetast dan zien we vochtophopingen in de buikholte en aan de poten optreden. Het kan soms jaren duren voordat de eerste klachten zich openbaren. De afwijking manifesteert zich bij de meeste rassen op een leeftijd tussen 4 en 10 jaar. De eerste verschijnselen van DCM zijn vaak een verminderd uithoudingsvermogen, vermageren en meestal ook hoesten. Dit hoeft echter niet, soms is een plotselinge dood het eerste en enige signaal.


Maagtorsie / maagdilatatie:
Maagtorsies komen voornamelijk voor bij grote honden. Meestal begint het met een sterke uitzetting van de maag. Deze kan veroorzaakt worden door een combinatie van (te) veel eten, drinken of het inslikken van een grote hoeveelheid lucht. De maag draait in de buikholte om zijn as. De kanteling kan het gevolg zijn van maagdilatatie. Door de kanteling worden slokdarm en 12-vingerige darm afgekneld. Gassen, vloeistof of voedsel kunnen niet meer worden afgevoerd en de maag zal opzwellen. Door de opzwelling van de maag wordt de bloedsomloop van de grote vaten en van de maag zelf belemmerd, de druk op het middenrif stijgt waardoor de ademhaling bemoeilijkt wordt. Doordat alle organen minder van bloed worden voorzien zal een torsie van de maag snel leiden tot shock en in een later stadium tot de dood.


Entropion:
Onder entropion wordt verstaan het naar binnen krullen van het ooglid. Dit kan zowel het boven- als het onderooglid zijn of een gedeelte daarvan. Door het omkrullen van het ooglid gaan de haren (zgn. wimpers) het oog irriteren. Verschijnselen zijn dan: tranenvloed, roodheid, beschadigd hoornvlies, gelige ooguitvloeiing. In veel gevallen is dit een erfelijk probleem en moet in de fokkerij terdege hiermee rekening worden gehouden. In ernstige gevallen kan het leiden tot perforatie van de oogbol en blijvende blindheid.


Ectropion:
Hier gebeurt het tegenovergestelde als bij entropion. Het ooglid zakt uit of krult naar buiten. Hierdoor komt het bindvlies tevoorschijn dat dan aan allerlei invloeden van buitenaf wordt blootgesteld. Ectropion kan erfelijk zijn en wordt vooral aangetroffen bij honden met een ruim vel, dus met losse huidplooien. Veel honden verdragen zonder problemen een lichte vorm van ectropion.





naar top